Getijdengebed van abdij Averbode erkend als Vlaams immaterieel erfgoed

De abdij van Averbode meldt dat het getijdengebed, dat ook wel de goddelijke officie wordt genoemd, erkend werd als immaterieel erfgoed. Maar wat is dat eigenlijk, zo’n getijdengebed en wat houdt die erkennings als immaterieel erfgoed dan wel in?

Het immaterieel erfgoed is in feite een zeer brede verzameling van tradities, vaardigheden en technieken die typisch zijn voor de Vlaamse samenleving. Die zijn allemaal samengebracht op de lijst van het Vlaams immaterieel erfgoed. Op die lijst kom je niet zomaar. Een clubje van zeer gedegen experts evalueert iedere voordracht. Ze kijken niet alleen naar de erfgoedwaarde maar ze toetsen ook een reeks ethische criteria af.

Een aantal voorbeelden maken de omschrijving wat duidelijker. Er staan bijvoorbeeld oude processies op de lijst maar ook de Gentse feesten, de kunst van het manueel klokkenluiden, de Belgische biercultuur, de Belgische frietkotcultuur, het Brabantse grondwitloof en het carnaval in Aalst behoren tot het Vlaamse immateriële erfgoed. En nu dus ook de getijdengebeden van de abdij van Averbode.

Al die mooie tradities wil je niet laten verloren gaan.  Daarom worden ze gedocumenteerd, er gebeurt wetenschappelijk onderzoek over en er worden promotiecampagnes voor opgetuigd. En uiteindelijk worden ze ook officieel erkend en op de lijst van het Vlaams immaterieel erfgoed geplaatst.

Dagelijks bidden op vaste tijdstippen

Wat getijdengebeden dan wel mogen zijn. Geen mens die beter geschikt is om dat uit te leggen als pater Herman Janssens, de man die zowat ieder detail van het rijke verleden van de Norbertijnen kent.

Simpel gesteld is het getijdengebed een reeks van gebeden die iedere dag op vaste tijdstippen worden gepreveld of gezongen. Met de woorden “op vaste tijdstippen” komen de paters nog goed weg want volgens pater Herman spoort het Nieuwe Testament de geestelijken zelfs aan om zonder ophouden te bidden. In Averbode hebben ze het ritme toch wat lager gelegd maar het is wel duidelijk dat die reeks gebeden de dagelijkse agenda van de paters schragen. Zeker in Averbode koppelen de paters het religieuze aan modern ondernemerschap. Het is dus niet vreemd dat Herman Janssens die dagelijkse reeks gebeden de corebusiness noemt.

Al dat bidden heeft ook een duidelijk doel. De kloostergemeenschap bidt voor de wereld en is via het gebed op bijzondere wijze met de wereld verbonden. Het getijdengebed kan door de paters gemeenschappelijk of privaat gebeden worden. Het kan ook worden gezongen, gereciteerd of gewoon gezegd.

In de norbertijnenabdij van Averbode wordt het getijdengebed al sedert het ontstaan van de abdijgemeenschap in 1134 gebeden. Er waren onderbrekingen van 1578 tot 1604 omdat de gemeenschap toen de abdij moest verlaten, van 1797 tot 1834 en aan het begin van de Tweede Wereldoorlog.

Driemaal per dag

Vandaag komt de abdijgemeenschap drie keer per dag samen om te bidden. Dat gebeurt ’s morgens om 7 uur maar in het weekend en op feestdagen mogen de paters er een half uurtje bij knijpen. Ze bidden dan om 7.30 uur. Dat ochtendgebed duurt goed ruim een half uur.

De psalmen van het middaggebed worden gezongen op het einde van de dagelijkse eucharistieviering op het middaguur.

’s Avonds om 18 uur is er het gezongen avondgebed. Dat zijn de meer bekende vespers. Tijdens de slotgebeden worden de namen van de overledenen voorgelezen uit het necrologium van de abdij, het boek met de namen van alle overleden leden en weldoeners genoteerd volgens de dag van overlijden. Op zon- en feestdagen is er in de vespers een aparte voorganger met assistent en wordt het hoofdaltaar bewierookt tijdens het zingen van het Magnificat. Bij de belangrijkste feesten gaat de abt de dienst voor met staf en mijter.

Bidden in het Nederlands, enkel de vespers in het Latijn

Alle getijdengebeden worden begeleid met orgelspel. De taal is het Nederlands, behalve de vespers die, met uitzondering van de korte lezing en de slotgebeden, afwisselend om de andere dag in het Nederlands en het Latijn worden gezongen. In de Latijnse vespers wordt voor de psalmen de nieuwe Bijbelvertaling gebruikt.

De abdij van Averbode heeft voor de verschillende gebedstijden, ’s morgens, ’s middags en ’s avonds, boeken uitgegeven voor eigen gebruik, waarin de psalmen en alle gemeenschappelijke gezangen werden opgenomen. Voor de vespers zijn er twee boeken: een boek met de Nederlandse gezangen en een ander met de Latijnse. Alle Latijnse teksten zijn vergezeld van een Nederlandse vertaling.

De abdijkerk is tijdens gebedsdiensten altijd open. Bezoekers die vertrouwd zijn met het getijdengebed mogen plaatsnemen in het oude koorgestoelte. Voor de anderen zijn in de nabijheid zitplaatsen voorzien.

2 comments

  • Pierre Roelants

    De laatste twee jaar volg ik mee de gebeden zondag ochtend en avondgebed ,via internet jammer genoeg omwille van corona en de afstand Leuven Averbode is niet altijd gemakkelijk, kunnen wij deze gebeden boeken niet bestellen en kopen uiteraard?

Geef een reactie