Het is een van de minder bekende monumenten in Diest maar op een wat verborgen plaats in de Koning Albertstraat staat een unieke kapel die ooit deel uitmaakte van het Cellenbroedersklooster. Dat klooster is volledig verdwenen maar de kapel is er nog. Sterker nog, ze gaat deel uitmaken van een prestigieus vastgoedproject Cellenbroeders in het centrum van de stad.
De 18de eeuwse kapel is echter in erg slechte staat en moet dringend gerestaureerd worden. De daken, het plafond en de gevels zijn zwaar aangetast door vochtinspijpeling en het gebouw is door een gebrek aan onderhoud ernstig vervallen. Dat probleem wordt nu aangepakt. De privé-eigenaar gaat met de steun van Vlaanderen bijna 750.000 euro investeren in het behoud van het monument. Het kabinet van Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts investeert 200.000 euro in de kapel, de private ontwikkelaar, Ginco Properties, legt de rest van het bedrag op tafel.
Restauratie wordt grondig aangepakt
De restauratie van de kapel wordt op en sterk onderbouwde manier aangepakt. De gevels in baksteenparement, mergelsteen en ijzerzandsteen worden hersteld en behandeld tegen opstijgend vocht. Muurscheuren worden geconsolideerd en de muurankers krijgen een roestwerende behandeling. Ze worden daarna opnieuw geschilderd.
De rotte houten dakstructuur wordt volledig gerestaureerd. In die dakstructuur zit een zeer waardevol stucwerkplafond. Dat is deels ingestort maar een aantal waardevolle medaillons worden gedemonteerd. Ze worden na de restauratie van het plafond terug geplaatst.
18de eeuwse kapel is sluitstuk van 15de eeuws klooster
De kapel en het Cellenbroedersklooster hebben een lange geschiedenis. In 1375 schonk Geeraert van Blankaer een huis aan de cellenbroeders. Hij was een telg uit een gegoede en invloedrijke familie in Diest die ook over heel wat vastgoed beschikte. De cellenbroeders zouden op die plaats in de vijftiende eeuw een kerk bouwen. Ze bleven hun bezittingen uitbreiden, deels door schenkingen en deels door aankopen. Uiteindelijk werd de ganse site effectief omgevormd tot een klooster. In de 18de eeuw werd de huidige kapel nog gebouwd als sluitstuk van het klooster.
GINCO neemt vastgelopen vastgoedontwikkeling succesvol over
Het hele Cellebroedersklooster was ooit beschermd als monument. In 1983 wordt die bescherming ingetrokken. Enkel de kapel blijft dan nog erkend als monument. Die intrekking was allicht bedoeld om er een vastgoedproject te ontwikkelen. Dat project zou er ook effectief komen, in eerste instantie vooral op papier.
In 1998 wordt de vennootschap Cum Magistro opgericht. Die vennootschap koopt de kapel maar ook een achterliggend stuk grond en een aanpalend gebouw in de Koning Albertstraat. De zaakvoerders van Cum Magistro willen op de site een voor die tijd gigantische vastgoedontwikkeling neerpoten. Dat project kreeg destijds ook een toezegging voor een belangrijke subsidie vanuit Vlaanderen. Het project werd deels gerealiseerd maar zou uiteindelijk financieel vast lopen. In 2015 neemt projectontwikkelaar GINCO de vennootschap Cum Magistro over en wordt op die manier eigenaar van de kapel. Later komt er een fusie tussen de twee vennootschappen waardoor het actief rechtsreeks in GINCO wordt ondergebracht. Zij starten effectief met de ontwikkeling van het vastgoedproject Cellenbroeders.
Er is echter nog een opportuniteit. Op de site aan de kant van de Michel Theysstraat is nog een parkeerterrein dat perfect aansluit bij de ontwikkeling. Dat perceel is eigendom van de stad maar het wordt in 2019 onderhands verkocht aan GINCO.
Publiek private samenwerking als oplossing voor behoud historisch belangrijk vastgoed
De projectontwikkelaar heeft bij verschillende stappen in de opbouw van de luxeloftsite herhaald dat de kapel zou gerestaureerd worden en onderdeel wordt van de beleving van de site. De investering van 750.000 euro waarvan 550.000 euro uit private middelen, onderbouwen die belofte. Vlaanderen ondersteunt die inspanning met een wettelijk voorziene subsidie van 200.000 euro.
Het stadsbestuur van Diest sleept een portefeuille van meer dan 120 als monument erkende sites mee. Voor een stad met de omvang van Diest is het onderhoud daarvan niet mogelijk terwijl de tussen komsten vanuit het geest in het voorbije decennium werden terug geschroefd. De optie die dan overblijft om al dat historisch belangrijk erfgoed te bewaren; is een slimme samenwerking tussen private investeerders en lokale en regionale overheden.
