Tienen heeft een unieke 18de eeuwse beiaard waarvan er wereldwijd maar twee exemplaren bestaan. Het instrument is echter in slechtere staat. De tijd heeft stevige impact gehad op de beiaard en in 1960 gebeurde een restauratie die echter niet meteen correct werd uitgevoerd. De beiaard werd op dat moment ook uitgebreid.Het karakter van het instrument werd daardoor aangepast en veranderd.
Minister van onroerend erfgoed Ben Weyts investeert nu 1 miljoen euro om de Witlockx-beiaard om te bouwen en te restitueren naar het historisch model. Na die restauratie zal de beiaard opnieuw klinken zoals het in de 18de eeuw door de bouwer ervan werd bedoeld. Het instrument krijgt ook en betere omkadering die moet toelaten dat het publiek het beter kan bekijken.
De beiaard werd in 1723 origineel gebouwd door de befaamde Antwerpse klokkengieter Willem Witlockx. Er zijn wereldwijd maar twee dergelijke instrumenten over: 1 in het paleis van de Portugese koningen in Mafra en 1 in Tienen. De Tiense beiaard telt 54 klokken en behoort daarmee tot de grootste van het land. De basklok weegt 1.500 kg, het kleinste klokje weegt 8 kg. Het totaal klokgewicht bedraagt 7 ton.
Met deze Vlaamse steun zal de volledige beiaard nu gerestaureerd worden, samen met het automatische speelwerk voor kwartiermelodieën. Verder worden de houten vloerconstructie in de klokkenkamer en de houten luidstoel verstevigd en gerestaureerd. De klavierkamer wordt vernieuwd, de trappen worden toegankelijker gemaakt en zowel de centrale torenkamer als de 3de torenverdieping met het automatisch speelwerk worden ingericht om bezoekers te ontvangen. Ook in de klokkenkamer op de 4de verdieping vinden werken plaats.
De restauratie start zo snel mogelijk en moet worden afgerond tegen eind 2028. De beiaard blijft momenteel nog even spelen. Stadsbeiaardier Luc Rombouts bespeelt het instrument elke dinsdag van 10.00 tot 11.00 uur. Hij speelt gevarieerde programma’s, gaande van Bach tot Brel.
In juli en augustus vinden op woensdagavonden speciale recitals plaats. Deze worden deels verzorgd door de stadsbeiaardier en deels door gastbeiaardiers uit binnen- en buitenland. Ook tijdens de dinsdagmarkt wordt de beiaard van 10.00 tot 11.00 uur bespeeld.
Allicht in het najaar van 2026 zullen de klokken echter voor een tijdje verhuizen naar de klokkengieterij.
De totale kostprijs van de werken werd geraamd op 1,17 miljoen euro, waarvan Vlaanderen via het Agentschap Onroerend Erfgoed dus het leeuwendeel financiert. De Stad Tienen staat in voor de overige kosten.
