Martin en Martine ontmoeten mekaar tijdens een wandeling in het provinciedomein Halve Maan. Wat aanvankelijk een toevallige babbel is, wordt een verkenning van steegjes, straten en buurten in het stadscentrum van Diest. Je passeert langs typische cafeetjes, monumenten en symbolen die de stad haar ziel hebben gegeven. De auteur schrijft het verhaal van de wandeling met humor, met herinnering en met oog voor het kleine.

Martin en Martine zetten ook heel even een stapje buiten de stadskern. Fort Leopold en “èt verreke” van Schaffen mogen op deze wandeling door de stad niet ontbreken.

Auteur Bert Lemmens schreef zijn boek in het Diesters dialect. Evident is dat niet. Niet om het te schrijven en ook niet om het te lezen. Auteur Fons Bonroy schreef eerder Den Dikke Diestse Diksjenèèr, een woordenboek met meer dan 5000 uitdrukkingen in het Diesters dialect. Volgens Fons is minder dan 30 procent van de jonge mensen nog echt vertrouwd met een specifiek dialect. Daarom publiceert Bert Lemmens een soort handleiding over dat toch wel zeer typisch thuistaaltje op de eerste vier bladzijden van zijn roman. Wie zich af en toe eens door de haren strijkt bij een woord of uitdrukking, heeft dus een hulplijn.

Auteur Bert Lemmens schreef zijn verhaal al in 2024. Daarna liet hij de tekst even rijpen. Het boek gaat niet alleen over de lokale geschiedenis en de diepere ziel van de stad. Er schuilt ook een zeer persoonlijke en diepmenselijke overweging achter. De moeder van Bert Lemmens is ernstig ziek en dat was voor hem een motivatie om een sterk gedragen verhaal neer te schrijven.

Het boek is opgedragen aan mijn moeder, kort en eenvoudig, uit dankbaarheid

Auteur Bert Lemmens

Martin en Martine zijn overigens niet de enige personages die in het boek aan het woord komen. De auteur plaatste een oproep in een aantal Facebookgroepen om wat extra bronnenmateriaal te verzamelen. Sommige mensen reageerden in het dialect en de meest markante reacties en personages kregen een plaatsje in het verhaal.

Een van die Diestenaars is DJ Kenny De Jong. Hij groeide op in café De Violette. Dat was het supporterslokaal van voetbalclub KFC Diest toen die club nog hoge toppen scheerde. Dialect was de voertaal in het café maar ook op school en zelfs als DJ bleef Kenny vooral Diesters spreken. Kenny is op die manier een van de ambassadeurs van het plaatselijk taaltje en hij mocht in deze ode aan de Oranjestad niet ontbreken.

“Wie hèt et verreke geziejn” kost 15 euro en is verkrijgbaar in taverne Het Excuus in Schaffen of rechtstreeks bij de auteur.
Volgende zondag 8 februari kan je het ook kopen op de boekenmarkt in Aarschot en op de ruilbeurs in Herselt.

Geef een reactie